Angst en aanvaringen

Lichtschip Texel was net vier maanden in dienst toen de zware februaristorm van 1953, met windkracht 12, over de Noordzee en Nederland raasde. Twee grondzeeën overvielen met tonnen water en zand het schip. Een keer aan bakboord en een keer aan stuurboord. Hierdoor werden de ramen van de wachtruimte ingedrukt en stroomde er water het schip binnen. Ook verdwenen er brandslangen, raakte de reling verbogen en werden deuren weggeslagen. De mannen hadden het toen heel zwaar te verduren. Maar ook dichte mist joeg de bemanning vaak angst aan. Alles wat aan verlichting kon branden, brandde dan, de misthoorn bleef onophoudelijk loeien en aan boord werd door twee man wacht gelopen. Als zij een schip hoorden naderen, hielden zij dat nauwlettend in de gaten. Kwam deze te dichtbij dan drukte de wachtsman op de alarmknop en moest iedereen naar boven komen. Mocht het onverhoopt tot een aanvaring komen, dat zat er in ieder geval niemand meer onderin het schip. Het gebeurde wel eens dat vrachtschepen rakelings het lichtschip passeerde, omdat ze hun koers op het lichtschip hadden uitgezet. Op 19 november 1967 ging het helemaal mis. Bij uitzonderlijk helder weer werd het lichtschip geramd door de Duitse kustvaarder Beate-R. Hierbij ontstond er boven de waterlijn aan bakboordzijde een gat van meer dan acht meter. En zonder dat er ook maar iemand van de Beate-R zich om de bemanning en het lichtschip bekommerde, werd in volle vaart doorgevaren. Het was echt aan de spiegelgladde zee te danken, dat het lichtschip bleef drijven. Op 7 april 1966 had ook al een aanvaring plaatsgevonden. Hierbij voer de Willem Barentsz van de rederij H. Liberg uit Rotterdam achter aan stuurboordzijde naar binnen. Nadat de schade was opgemaakt, bleek een motorsloep te zijn gekraakt, was het sloepdek ontzet en was zeven meter verschansing weggeslagen. De Willem Barentsz had op haar beurt kopschade boven de waterlijn opgelopen, maar kon op eigen kracht haar weg vervolgen. Een ander ongeval waarbij het lichtschip ternauwernood aan een ramp ontsnapte, deed zich op 17 september 1968 voor. Toen stortte een Engelse Westland Wasp helikopter vlakbij het schip in zee. Het toestel was afkomstig van het Engelse Leander-klasse fregat HMS Cleopatra, dat op dat moment deelnam aan de NAVO-oefening Silver Tower. Vijf minuten nadat de helikopter in zee terechtkwam, konden de twee inzittenden al met een reddingsboot van de Cleopatra uit zee worden opgepikt.

© Copyright 2017 | Webontwerp: Webpartner.nl